Examples

Exemples

Play Are you going to fly to England?
Are you going to fly to England? ¿Vas a volar a Inglaterra? Vas-tu voler vers l'Angleterre ? Vai in Inghilterra in aereo? Você viajará para a Inglaterra? Habt ihr vor, nach England zu fliegen? Ga je naar Engeland vliegen? Ga je met het vliegtuig naar Engeland?
Play She will fly to the US.
She will fly to the US. Ella volará a los Estados Unidos. Elle va voler vers les Etats-Unis. Lei prenderà un volo per gli Stati Uniti. Ele vai voar para os Estados Unidos. Sie wird in die USA fliegen. Ze gaat met het vliegtuig naar de VS. Ze gaat naar de VS vliegen.
Play Will they fly to Brazil?
Will they fly to Brazil? ¿Volarán a Brasil? Vont-ils voler vers le Brésil ? Andranno in Brasile in aereo? Eles viajarão para o Brasil? Werden sie nach Brasilien fliegen? Gaan ze naar Brazilië vliegen? Gaan ze met het vliegtuig naar Brazilië?
Change language Français Español English Deutsch Português