Naamvallen in het Nederlands

Naamvallen in het Nederlands

Nominatief

Nominatief

De nominatief, ookwel eerste naamval, geeft het onderwerp van de zin aan. Het onderwerp is het zelfstandig naamwoord (of het voornaamwoord) dat de handeling verricht die met het werkwoord uitgedrukt wordt. In de zin "Zij helpt hem" bijvoorbeeld, is het onderwerp degene die het helpen verricht: "zij".

Obliquus

Obliquus

De obliquus wordt gebruikt om zelfstandige naamwoorden en voornaamwoorden als direct en indirect object te kenmerken. In de zin "Ik gaf het aan hem" bijvoorbeeld, staan zowel "het" als "hem" in de obliquus, omdat het objecten zijn.
Frans Engels Italiaans Duits Portugees Nederlands